Erwtensoep met doperwten

Erwtensoep met doperwten

Voor het maken van een goede erwtensoep (of snert) moet je eigenlijk een dag uittrekken, maar met een beetje valsspelen – door doperwten in plaats van spliterwten te gebruiken – zet je binnen een halfuur een heerlijke soep op tafel. Deze soep is iets zoeter dan je waarschijnlijk gewend bent, maar minstens net zo goed gevuld als de echte snert.


Ingrediënten


  • 1 ui, gesnipperd
  • 500 g doperwten
  • 2 stengels bleekselderij, in blokjes
  • 1½ l groentebouillon
  • 3 aardappels, geschild, in blokjes
  • 2 winterwortels, geschild, in blokjes
  • 1 knolselderij, geschild, in blokjes
  • 1 prei, in ringen
  • 150 g spekjes
  • 1 rookworst, in plakjes
  • roggebrood, voor erbij
  • katenspek, voor erbij
  • olijfolie, om in te bakken
    • zout en peper

Bereidingswijze


  • Fruit de ui in een grote pan met een scheutje olijfolie aan. Doe de doperwten en bleekselderij erbij en bak kort mee. Voeg de groentebouillon toe en breng het geheel aan de kook. Kook de erwtjes in 5 minuten gaar. Pureer de soep met een staafmixer.

 

  • Doe de blokjes aardappel, winterwortel en knolselderij samen met de preiringen erbij. Kook de groente in 15 minuten gaar.

 

  • Bak ondertussen de spekjes in een droge koekenpan krokant. Voeg de spekjes en de rookworst toe aan de soep.

 

  • Serveer de snelle erwtensoep met roggebrood belegd met katenspek.